Maar is dat een realistische ambitie, of wordt er dan iets nagestreefd dat principieel niet na te streven is? Om die vraag te beantwoorden, moeten we eerst begrijpen wát de PC Hooftstraat werkelijk is. Niet als toeristische trekpleister, maar als systeem.
Een aaneenschakeling van toeval, geen planDe PC Hooftstraat werd in 1876 aangelegd bij de bouw van het Vondelpark en was decennialang een deftige woonstraat voor de Amsterdamse elite – winkels waren in de omliggende straten zelfs uitdrukkelijk verboden. Pas rond 1890 verschenen de eerste gewone buurtwinkels: een slager, een bakker, een kruidenier.
De omslag naar wat de straat nu is, kwam pas in de jaren zeventig van de vorige eeuw, en niet doordat iemand dat zo bedacht had. De Kalverstraat, destijds hét winkelhart van Amsterdam, verpauperde. Luxe winkels die daar niet meer wilden zitten, verhuisden naar de PC Hooftstraat. De huren stegen, en in de jaren tachtig waren de laatste buurtwinkels verdwenen.
Parallel daaraan groeide de bredere buurt uit tot het huidige Museumkwartier: het Concertgebouw opende al in 1888, en de latere musea rond het Museumplein vestigden zich in diezelfde welgestelde, negentiende-eeuwse stadsuitbreiding. Dat is geen toeval en ook geen plan. Het is een keten van op zichzelf staande gebeurtenissen – de aanleg van een park, het verval van een andere straat, de vestiging van een concertzaal – die elkaar toevallig versterkten. Precies daarom is deze geschiedenis niet ergens anders over te doen: je kunt geen tweede keer laten gebeuren wat de eerste keer al door samenloop van omstandigheden gebeurde.
Tweemaal een systeem in een systeemDe PC Hooftstraat is zelf al een systeem-in-een-systeem: boven de winkels wordt nog altijd gewoond in luxe appartementen en gewerkt. Naast winkelen bestaat er wandelen en verblijven (wandelen)– de straat functioneert ook als route tussen Vondelpark en Museumplein. Deze deelsystemen kennen elk hun eigen ritme: winkelen volgt strikte openingstijden, wonen en wandelen zijn voortdurend. Waar ritmes elkaar versterken, blijft een straat levendig.
Het system is gelaagd: meerdere functies tegelijk, elk met een eigen logica en ritme, maar ze versterken elkaar. De winkels trekken wandelaars, wandelaars trekken meer winkels, bewoners zorgen voor nabijheid en veiligheid. Dit werkt alleen als al die lagen aanwezig zijn en doorlopend interacteren.
Zoom vervolgens uit, en er ontvouwt zich een tweede, grotere laag. De PC Hooftstraat maakt deel uit van een breder geheel van complementaire winkelstraten – Van Baerlestraat, Cornelis Schuytstraat – die elk hun eigen karakter hebben in plaats van elkaar te beconcurreren. Al die straten worden gevoed door dezelfde culturele trekkers: Concertgebouw, Rijksmuseum, Stedelijk Museum, Moco Museum, Van Gogh Museum. Dit zijn systemen in systemen in systemen. Elk niveau voedt het ander. Daarom kan je het niet simpelweg organiseren als een project.
Stadmaken: een samenspel dat tijd nodig heeft
De PC Hooftstraat wordt gedragen door een samenspel van partijen die elkaar al decennia kennen. De gemeente stelt kaders – een bestemmingsplan, veiligheidseisen – zonder de uitkomst te dicteren. Een mooi, concreet voorbeeld: winkels zijn wettelijk verplicht hun etalage te beveiligen. Geen enkele winkel gebruikt daarvoor een standaardrolluik; elke winkel laat een eigen, kunstzinnig ontworpen exemplaar maken. Eén externe regel, tientallen individuele, herkenbare antwoorden. De etalages nodigen uit tot wandelen en windowshoppen.
Vastgoedeigenaren – een klein aantal grote partijen bezit een fors deel van de panden – treden op als curator. Ze behandelen de straat als merkportefeuille, bepalen bewust wie waar mag zitten. De internationale merken investeren op hun beurt in hun vestiging als statement. Een gezamenlijke ondernemers- en eigenarenorganisatie financiert collectief beveiliging, verlichting en belangenbehartiging, zonder dat één partij de baas speelt. Dit is dus geen sturing door één regisseur, en ook geen ongestuurde zelforganisatie. Het is een samenspel dat zelf tijd nodig had om te groeien. Zelfs met een onbeperkt budget zet u dit soort onderling vertrouwen niet in een paar jaar ergens anders neer.