Wat onderzochten medewerkers samen?
Medewerkers uit telkens drie tot vijf keukens namen deel aan acht workshops. Ze brachten in kaart waar de belasting in het dagelijkse werk ontstond en bedachten mogelijke oplossingen. Vervolgens beoordeelden ze die oplossingen samen. Een ergonoom begeleidde het proces, maar de kennis van het werk kwam voor een belangrijk deel van de mensen die het dagelijks uitvoerden.
Wat veranderde?
Aan het einde van het traject waren 402 veranderingen doorgevoerd. Het ging om concrete aanpassingen in de werkomgeving en de manier waarop taken werden uitgevoerd. De veranderingen kwamen voort uit de problemen en mogelijkheden die medewerkers in hun eigen werksituatie tegenkwamen.
De verbetering
Medewerkers ervoeren de veranderingen als een vermindering van de fysieke belasting en als verbetering van de ergonomie. Ook nam hun kennis over ergonomie toe en werden ze beter in staat om zelf ergonomische problemen aan te pakken. Tijdgebrek, motivatie en onvoldoende financiële middelen maakten het soms lastig om oplossingen uit te voeren.
Wat leert dit over werkplekonderzoek?
De kracht zit in de combinatie van lokale kennis en een gestructureerde aanpak. Medewerkers onderzoeken hun eigen werk, vergelijken oplossingen en voeren veranderingen door. Tegelijk laat dit voorbeeld zien dat ideeën alleen niet genoeg zijn: mensen hebben ook tijd, middelen en steun nodig om ze uit te voeren.