Transities beheersen het nieuws

klimaatverandering

We leven in een tijd van transities, grote maatschappelijke aanpassingen. Om er een paar te noemen: klimaat en energie, Nederlandse identiteit, ontwikkeling van Europa, migratie, opkomende macht van China, technologische ontwikkeling, vergrijzing. Dit zijn internationale veranderingen, die zich uitstrekken over vaak tientallen jaren. En tegelijk ook het dagelijkse nieuws bepalen. Want die ontwikkelingen hebben direct effect op ieder van ons individueel. Op de isolatie van je huis, de inhoud van je baan, je hypotheeklasten, je on-line aankopen, op Sinterklaas, of op je pensioen om maar eens een paar effecten te noemen.

Wat zien we met onze veranderkundige bril?
We zien in elke transitie vier duidelijke fases. Elk met eigen kenmerken. In de eerste fase zijn er oproepen tot verandering en waarschuwingen. Ook ontkenningen, discussie,  voor- en tegenstanders, conflict. Dan een tweede fase, waarin er een verscherping van het conflict optreedt. Daarna, in de derde fase, de vermindering van het conflict, als steeds meer mensen inzien, dat de transitie werkelijk plaatsvindt en dat aanpassingen onvermijdelijk en belangrijk zijn. In deze fase wordt in toenemende mate gezocht naar oplossingen. In de vierde fase worden oplossingen geleidelijk aan nieuwe kansen. Nieuw elan ontstaat en nieuw enthousiasme.
Je kunt de fases bij de verschillende transities duidelijk herkennen:

  • klimaatverandering en de energietransitie lijken de derde fase ingegaan te zijn. De discussies of de transities werkelijk plaatsvinden zijn vrijwel verdwenen. De onvermijdelijkheid en urgentie is duidelijk. De voorbereiding van maatregelen is in volle gang.
  • de transitie over de Nederlandse identiteit lijkt in de tweede fase beland. De waarschuwingen hadden we al tientallen jaren geleden gehad, bijvoorbeeld van Fortuyn en Verdonk. Daarna ontstonden er opstootjes in volkswijken, vervolgens conflicten bij AZC’s, nu relletjes bij Sinterklaas. Het is niet onwaarschijnlijk dat die conflicten nog scherper worden, voordat het inzicht breed doorbreekt dat de transitie onvermijdelijk is.
  • de ontwikkeling van Europa lijkt in de eerste fase te zitten, met groeiende discussies en het ontstaan van voor- en tegenstanders en steeds meer conflict.
  • de vierde fase zien we bij de transitie naar een duurzamer economie. Daar startte de discussie in de jaren 60 (Club van Rome), verbreedde zich in de jaren 80 (Brundtland) en inmiddels zien we nieuwe kansen ontstaan in de circulaire economie.

Het verschijnsel dat conflict toeneemt in de tweede fase en dan plotseling vermindert in de derde fase herkennen we ook bij organisatieveranderingen. Kenmerkend van die tweede fase, waar voor- en tegenstanders steeds fanatieker worden, is, dat bij de omstanders de moedeloosheid groeit. De situatie lijkt een rotzooitje te worden, hopeloos te zijn. De verleiding wordt heel sterk om de verandering terug te draaien. Toch leert de ervaring dat je dan vlak bij het kantelpunt zit. Juist als je het bijltje erbij neer wilt gooien is het zaak nog even vol te houden: je bent er bijna. Een schrale troost misschien, maar toch wel een troost: na regen komt zonneschijn.